6.1 In principe is de schadeveroorzaker niet alleen het bedrag van de vervangingswaarde of van de herstellingsprijs zelf verschuldigd, maar tevens het bedrag van de B.T.W. daarop.

Dit recht op het B.T.W.-bedrag bestaat in alle gevallen; dus ook indien de schadelijder na het ongeval zijn voertuig niet laat herstellen noch vervangt door een ander voertuig, ofwel het vervangt door een tweedehands voertuig (waarop slechts de BTW over de “marge”, dus de winst, verschuldigd is). De verzekeringsmaatschappij mag derhalve niet aan u vragen dat u de herstellingsfactuur moet toesturen of dat u de aankoop van een vervangende wagen moet bewijzen.

Dit werd wettelijk vastgelegd. Art. 83 van de wet van 25 juni 1992 op de Landverzekeringsovereenkomst, afgekort “W.L.O.”, luidt: “ De benadeelde beschikt vrij over de door de verzekeraar verschuldigde schadevergoeding. Het bedrag van de schadevergoeding mag niet verschillen naar gelang van het gebruik dat de benadeelde ervan zal maken”.

De indicatieve tabel van 2008 vermeldt in dezelfde zin: “In geval van totaal verlies heeft de schadelijder, niet BTW-plichtige, recht op de BTW ongeacht of hij de hem toekomende schadevergoeding al dan niet gebruikt voor de vervanging van het vernielde voertuig dan wel voor de vervanging door een tweedehandswagen waarop bij de aankoop geen BTW verschuldigd is of slechts de BTW op het verschil tussen de verkoop- en inkoopprijs van de garagist.

De BTW moet worden vergoed tegen het tarief dat van kracht is op het ogenblik van de vervanging van het voertuig.

Indien het voertuig van een niet BTW-plichtige bij een ongeval wordt beschadigd heeft de schadelijder recht op de BTW ongeacht of hij al dan niet de herstelling laat uitvoeren”.

DUS:
– uw wagen is totaal verlies, en u vervangt hem door een tweedehands voertuig: toch recht op BTW berekend op de werkelijke vervangingswaarde
– uw wagen is totaal verlies, maar u vervangt hem niet: toch recht op BTW berekend op de werkelijke vervangingswaarde
– uw wagen is geen totaal verlies maar u vervangt hem toch: recht op BTW op de normale herstellingsprijs
– uw wagen wordt door uzelf hersteld: toch recht op de normale herstellingsprijs, BTW inbegrepen (of bij herstelling na duiding totaal verlies toch recht op BTW berekend op de werkelijke vervangingswaarde).

Vanzelfsprekend hebben de B.T.W. -plichtigen die 50 % (respectievelijk 100%) van de B.T.W. op de aankoopprijs of op de herstellingsprijs kunnen recupereren slechts recht op 50 % (respectievelijk 0%) van het B.T.W.-bedrag. Dus indien u de helft (of de totaliteit) van het BTW-bedrag fiscaal mag aftrekken, zal de aansprakelijke u uiteraard slechts de helft (resp. 0%) van het BTW-bedrag moeten betalen.

Ter herinnering: de wrakprijs die van uw schadevergoeding wordt afgetrokken is zonder BTW (zie hierboven nr 5.4).