17.1 Het slachtoffer dat wordt uitgenodigd voor een eerste zitting van een eenzijdige medische expertise zou in feite het best voordien een eigen raadsgeneesheer inschakelen.

Maar vaak zal het daarvoor van de rechtsbijstandsverzekeraar pas de toelating bekomen nadat de eenzijdige expertise van de raadsgeneesheer van de verzekeringsmaatschappij – tegenpartij voltooid is (zie hoger onder nr. 3 t.e.m. 5.2).

Het slachtoffer moet zich verwachten aan allerlei vragen, eerst vanwege de raadsgeneesheer van de verzekeringsmaatschappij (de B.A.-verzekeraar of de arbeidsongevallenverzekeraar), en daarna vanwege de twee raadsgeneesheren aangesteld in het kader van de M.M.E. ofwel vanwege de gerechtsdeskundige-geneesheer.

Als men niet vlot kan antwoorden op de vragen worden de antwoorden soms als ongeloofwaardig geacht, en minstens zal het risico ontstaan dat de expert geïrriteerd geraakt. En dit terwijl de vragen toch niet steeds zo eenvoudig zijn…

17.2 Zo zal de geneesheer – deskundige op de eerste expertisebijeenkomst meestal de volgende vragen stellen :

a. hoe is het ongeval gebeurd ? ;
b. welke letsels heeft u precies opgelopen bij het ongeval ? ;
c. hoe zijn deze letsels behandeld en door wie, en welke medicatie of dergelijke werden voorgeschreven ? ;
d. welke schoolopleiding heeft u genoten, en in welke jaren ? ;
e. wat is uw beroepservaring tot op heden (met opgave van het soort werk, de identiteit van uw vroegere werkgevers, en de duurtijd van elke arbeidsbetrekking) ? ;
f. gedurende welke dagen precies heeft u niet of enkel deeltijds kunnen werken, na het ongeval ? ;
g. wat is de gezinssamenstelling, met opgave van de geboortedata van uw kinderen ? ;
h. welke ongevallen met letsels heeft u vroeger al meegemaakt ?; heeft u nog andere gezondheidsproblemen ?;
i. wat zijn uw klachten als gevolg van het ongeval en in welke mate is er tot heden verbetering of verergering opgetreden ?

Zorg ervoor dat u op bovenstaande vragen toch in belangrijke mate onmiddellijk kan antwoorden en dat u bovendien de belangrijkste gegevens kan bewijzen aan de hand van bewijsstukken (zoals medische attesten en verslagen, voorschriften voor medicatie, een overzicht vanwege uw ziekenfonds aangaande uw genoten mutualiteitsuitkeringen, uw ontslagbrief, en zo meer).

17.3 Zowel op de eerste als op de tweede bijeenkomst van de (minnelijke of gerechtelijke) medische expertise zullen aan u allerlei vragen worden gesteld over Uw klachten.

Het is dan ook van het grootste belang dat u voorafgaandelijk goed nagaat welke klachten u lijdt, en dat u deze volledig en duidelijk kan uiteenzetten.
U kunt daarbij voorbeelden aanwenden, zoals: “Nu moet ik na een half uur strijken minstens 10 minuten rusten, terwijl ik vroeger wel 4 uur na elkaar kon blijven strijken” – ” Voor het ongeval kon ik gemakkelijk aan elke hand een volle emmer water dragen, maar nu kan ik nog maar met moeite één halfvolle emmer dragen” – “Als ik nu een uur achter de computer zit …” – e.d.

Als er heel wat klachten zijn, kan het nuttig zijn dat u deze opsomt in een bepaalde volgorde. Bijvoorbeeld te beginnen vanaf de kruin van het hoofd, en aldus te dalen naar beneden ; bvb. 1° de hoofdpijn, de concentratiestoornissen en de vergeetachtigheid, 2° de vermindering van het zicht, 3° de oorsuizingen, 4° de nekpijnen, 5° de schouderpijnen, 6° …

Hierbij dient u de klachten voldoende nauwkeurig te omschrijven (bvb. niet alleen “soms hoofdpijn” of “af en toe nekpijn” opgeven, maar tevens beschrijven hoeveel keer per week en onder welke omstandigheden deze pijn optreedt, waar deze pijn en de eventuele uitstralingen ervan precies worden gevoeld, hoe de aard van de pijn is – zoals stekend, klemmend, licht, …-, e.d.m.). Het is aangeraden de klachten volledig en duidelijk kenbaar te maken, maar zonder te overdrijven ; wanneer overdrijving wordt vastgesteld of zelfs maar wordt vermoed, valt de expertise doorgaans negatief uit.

17.4 Op de tweede expertisezitting zal doorgaans eens te meer aan u worden gevraagd om uw klachten te beschrijven.

Zorg er uiteraard voor dat u dan goed weet welke verbeteringen of verergeringen zijn opgetreden sinds de eerste zitting. Besef dat de deskundige zal nazien in welke mate u andere of tegenstrijdige antwoorden geeft ten opzichte van uw antwoorden op de eerste bijeenkomst; tevens zal hij nazien inhoever de klachten stroken met de medische bevindingen.

17.5 Meestal zullen bepaalde bijkomende onderzoeken nodig zijn.

Vraag vóór de eerste (minnelijke of gerechtelijke) expertisebijeenkomst aan uw eigen raadsgeneesheer welke bijkomende onderzoeken nuttig zijn en welke specialist het best zo een onderzoek kan uitvoeren.