Inhoudsopgave pagina

A

Aanrijdingsformulier (A.R.F.): = het Europees aanrijdingsformulier; zie aanrijdingsformulier .

Aansprakelijkheid : voluit “burgerlijke aansprakelijkheid” genoemd; = de juridische gehoudenheid van de ene om de schade geleden door een of meer anderen te herstellen (= vergoeden). Meestal wordt daarmee de extra- of buitencontractuele aansprakelijkheid bedoeld (zoals wettelijk vastgelegd in de artikelen 1382 tot 1386 bis Burgerlijk Wetboek); daarnaast is er de contractuele * aansprakelijkheid, zijnde de aansprakelijkheid wegens de niet-volledige naleving van een overeenkomst. Verwant aan de begrippen strafrechtelijke en tuchtrechtelijke verantwoordelijkheid *. Zie de burgerlijke aansprakelijkheid (zijnde het hoofdstuk Vergoedingen onder nr. 3).

A.D.L. – hulp : hulp van een derde aan een persoon die ingevolge een handicap niet meer autonoom bepaalde activiteiten van het dagelijkse leven (ADL) kan verrichten; het gaat hoofdzakelijk om de “zich”-activiteiten, zoals : zich voeden /wassen / aan- of uitkleden / verplaatsen / ontlasten / verzorgen /… ; het gaat dus om hulp van derden aan een persoon die een verminderde zelfredzaamheid heeft; het aantal uren van dergelijke noodzakelijke hulp van derden kan worden gemeten aan de hand van de Barthel-schaal en/of de ELIDA – schaal.

Advocaat : (een Belgische advocaat) is een zelfstandige (vrij beroep), die het diploma van licentiaat in de Rechten heeft behaald, die lid is (mogen worden) van de Orde van Advocaten, en die zijn cliënt op juridisch gebied adviseert, vertegenwoordigt en verdedigt; de keuze van een advocaat is volledig vrij, zoals wettelijk vastgelegd.
Zie vooral verder aanstelling van een advocaat (in het hoofdstuk Procedures) en Praktische adviezen om de volledige vergoeding voor uw lichamelijke schade te bekomen (in het hoofdstuk Lichamelijke schade, nr. 18 en 19).

Alcoholintoxicatie : de alcoholintoxicatie of de “alcoholvergiftiging” bestaat zelfs bij een geringe alcoholinname.
Strafbare alcoholintoxicatie bestaat enkel wanneer de politie via een controle overeenkomstig de wettelijke bepalingen vaststelt dat het wettelijke maximum aan alcoholinname is overschreden. Dit maximum is in België thans 0,22 milligram per liter uitgeademde longlucht (“uitgeademde alveolaire lucht” genoemd in de wet, afgekort “UAL”); dit stemt overeen met 0,5 gram alcohol per liter bloed, zijnde 0,5 pro mille alcoholintoxicatie.

De traditionele meting van het aantal gram alcohol per liter bloed, dus de alcoholintoxicatie uitgedrukt in promille, wordt thans meestal vervangen door de meting mg/ U.A.L.; dit is het meten van het aantal milligram alcohol per liter uitgeademde alveolaire lucht (dus uitgeblazen lucht uit de longen). Om te weten wat de verhouding is tussen de meting via het blazen (mg/ual) en de meting via bloedafname (het gehalte promille), moet men een vermenigvuldiging met 2,2886 toepassen; dus 0,35 mg/UAL stemt overeen met (0,35 x 2,2886 =) 0,8 pro mille (= 0,8 gram) alcohol per liter bloed.

Een standaardglas van
– bier ( = 250 centiliter) van 4 à 5°
– wijn (100 cl) van 12°
OF
– genever of andere sterke drank van 35° (35cl)
bevat telkens ongeveer 10 gram pure alcohol.

Eén standaardglas alcoholhoudende drank, dus 10 gram alcohol, leidt gemiddeld tot 0,2 pro mille (= 0,2 gram alcohol per liter bloed) bij mannen en tot 0,3 promille bij vrouwen. Dus gemiddeld mag een man 2,5 en een vrouw 1,66 standaardglazen alcoholhoudende drank na elkaar verbruiken vooraleer het wettelijk toegelaten maximum te bereiken.

De lever heeft 1 tot 1,5 uur nodig voor de afbraak van 10 gram alcohol. Als iemand kort na elkaar 4 standaardglazen drinkt is de lever dus gedurende 4 tot 6 uur alcohol aan het afbreken, zodat een gemiddelde man dan minstens 2 uren na zijn laatste glas moet wachten vooraleer te mogen rijden, en een gemiddelde vrouw 5 uren.

Naast het geslacht spelen o.a ook de genetisch bepaalde aanleg en het gewicht mee; een zware man “mag” minstens dubbel zoveel drinken als een tengere vrouw. Eten vertraagt de opname van alcohol in het bloed.

Indien er ernstige alcoholintoxicatie vastgesteld is, dient (meestal maar niet altijd) het bestaan van dronkenschap * te worden weerhouden. Dan dreigt een zware bestraffing en regres * (of verhaal).

De bestraffing van alcoholintoxicatie in het Belgische strafrecht wordt uitgebreid uitgelegd in het hoofdstuk “Procedures “, onder 2. Bestraffing, nr. 2.223 en vooral nr. 2.44,3°.

Algemene rol: het register, dus de lijst, waarin alle zaken die door de rechtbank moeten worden beoordeeld in tijdsvolgorde worden opgetekend door de griffie. Elke zaak krijgt hierdoor een algemeen rolnummer. Nadien wordt de zaak toegewezen aan een bepaalde kamer van de rechtbank, en dan wordt ze ingeschreven op de bijzondere rol van die kamer.

Arbeidsongeschiktheid : zie B.I. * en B.A.O. *

Arbeidsongeval : het ongeval dat een werknemer overkomt tijdens zijn beroepsuitoefening of tijdens de verplaatsing van of naar het werk. Zie het arbeidsongevallenrecht (zijnde Vergoedingen, nr. 6c).

Arbitrage : een bepaalde manier om geschillen op te lossen, gesteund op een overeenkomst, zonder de inschakeling van het gerecht; daarbij worden dus bepaalde, wel omschreven discussiepunten opgelost door één of meer scheidsrechters (= arbiters); dit zijn ofwel particuliere rechters (die niet door de overheid zijn benoemd) ofwel experts die via onderzoek tot besluiten komen. De arbiters kunnen een bindende uitspraak doen over de aan hen voorgelegde geschillen, binnen de perken van de arbitrageovereenkomst.
Bij betwisting aangaande voertuigschade wordt zeer vaak overgegaan tot arbitrage; daarbij wordt i.h.b. beslist of het voertuig al dan niet een totaal verlies is en/of wat de vervangingswaarde of de herstellingsprijs is; zie “Hoe kan u de zienswijze van de verzekeringsexpert betwisten ?” (zijnde Voertuigschade, nr. 13 e.v.). Een oneigenlijke vorm van arbitrage vindt men bij de minnelijke medische expertise, kortweg M.M.E. * (zie de tegensprekelijke medische expertise).

Arrest : een gerechtelijke uitspraak (dus “vonnis” in de ruime zin), uitgaande van het hof van cassatie, een hof van beroep, een arbeidshof, een hof van assisen, het militair gerechtshof of de raad van state.

Arts : = geneesheer (“dokter”); voor de diverse soorten artsen betrokken bij een ongeval (raadsgeneesheer, medisch adviseur of adviserende geneesheer, controlearts, e.d.) zie De medische expertise, nr. 1.

B

B.A.O. : blijvende arbeidsongeschiktheid (letterlijk = een blijvende vermindering van het geschikt zijn om bepaalde arbeid te verrichten); is deze vorm van B.I. * die een verlies aan inkomsten (voornamelijk beroepsinkomsten) of aan economische waarde (zijnde een financiële waarde, vooral op de arbeidsmarkt en op het vlak van huishoudelijk werk) met zich brengt voor een welbepaald slachtoffer. Zie verder Materiële schade, nr 9.4.

B.A.-verzekeraar : = burgerlijke-aansprakelijkheidsverzekeraar, zijnde de verzekeringsmaatschappij die overeenkomstig haar verplichtingen vastgelegd in de verzekeringspolis de schadevergoeding die verschuldigd is volgens de regels van de burgerlijke * aansprakelijkheid * moet betalen aan de benadeelde. De B.A.-verzekeraar is meestal de autoverzekeraar (zie verder W.A.M. *). Zie Verzekeringen onder nr. 5.

B.B.A.V. (Belgisch Bureau van de Autoverzekeringen) : zie ……..En wat bij een verkeersongeval in België met een buitenlander ? (zijnde Tips na een ongeval, nr 10).

Beklaagde : de persoon die verdacht wordt van een misdrijf * en die daarom worden verwezen naar een strafgerecht.

Bemiddeling in strafzaken: het onderhandelen tussen dader en slachtoffer met de hulp van de justitieassistent; schadeherstel is een strikte voorwaarde.

Benadeelde: de persoon die vergoedbare schade * heeft geleden.

Artikel 1 van de Wet 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen (afgekort “W.A.M.”) geeft de volgende definitie: “Benadeelden : zij die schade hebben geleden welke grond oplevert voor de toepassing van deze wet, alsmede hun rechtverkrijgenden”.
Art. 1 van de wet van 25 juni 1992 op de Landverzekeringsovereenkomst, afgekort “W.L.O.”, geeft deze definitie :”Benadeelde : in een aansprakelijkheidsverzekering, degene aan wie schade is toegebracht waarvoor de verzekerde aansprakelijk is”.

Zie ook De hoedanigheid van benadeelde persoon

Beschikking: een afdwingbare beslissing genomen door de voorzitter van een rechtbank, door de raadkamer of door de kamer van inbeschuldigingstelling.

B.I. : = blijvende invaliditeit; invaliditeit is de vermindering van anatomische of functionele aard van de mogelijkheden tot handelen, bepaald vanuit louter medisch oogpunt. De graad (= percentage) van BI slaat dus op het percentage van blijvend gehandicapt zijn (zonder acht te slaan op de financiële en/of morele gevolgen ervan). Nauw verwant maar niet gelijk aan BAO *. Vergelijk met T.I.*
Zie ook Materiële lichamelijke schade nr. 9.4.

B.O. : blijvende ongeschiktheid; wordt onderverdeeld in 1 ° blijvende persoonlijke ongeschilktheid (B.P.O.), 2° blijvende economische ongeschilktheid (B.E.O.) en 3° blijvende huishoudelijke ongeschilktheid (B.H.O.). Zie verder Materiële schade, nr 9.4.

Burgerlijke aansprakelijkheid (B.A.) : = de gemeenrechtelijke aansprakelijkheid*, zoals voorzien in het Burgerlijk Wetboek; = de juridische gehoudenheid om aan de andere vergoeding te betalen voor de door hem geleden schade* (al dan niet op grond van een overeenkomst). Zie de burgerlijke aansprakelijkheid volgens het Belgische recht (zijnde het hoofdstuk Vergoedingen onder nr. 3).

Burgerlijke partij : de benadeelde die zijn burgerlijke * vordering stelt tegenover de strafrechter, die m.a.w. aan de strafrechter vraagt de beklaagde (en evt. diens B.A.-verzekeraar *) te veroordelen tot vergoeding van de geleden schade. Zie: “Procedures“, nr. 5 en 7.

Burgerlijke vordering : de eis van de benadeelde om schadevergoeding te bekomen van de persoon die burgerlijk aansprakelijk is (of van diens verzekeraar).

B.W.O. : = blijvende werkongeschiktheid = B.A.O. *

C

Conclusie : een schriftelijke argumentatie (zowel over de feiten als over het recht), in principe opgesteld door een advocaat; een conclusie is bedoeld om de rechtbank te overtuigen van bepaalde standpunten ; zij besluit tot het formuleren van het verzoek (aan de rechter) om bepaalde vorderingen toe te kennen of af te wijzen.

Consolidatie (datum) : duidt het ogenblik aan vanaf wanneer de letsels gestabiliseerd zijn, dus niet meer zullen verbeteren noch verergeren; de consolidatiedatum vormt het einde van de TAO * en het begin van de B.I. *

Contract : = overeenkomst; = een bindende, wederzijds aanvaarde, afspraak tussen twee of meer partijen (zoals een koop-, huur-, leasing- of aannemingsovereenkomst).

Contractuele aansprakelijkheid * : wanneer de ene partij de andere kan aanspreken tot vergoeding van de schade* die hij lijdt als gevolg van een toerekenbare niet-naleving van een bepaalde contractuele verplichting, inbegrepen een niet-tijdige of niet-deugdelijke naleving ervan; staat tegenover de extracontractuele aansprakelijkheid *. Zie Contractuele aansprakelijkheid.

D

Dading : een overeenkomst waarbij de partijen door middel van wederzijdse toegevingen een definitief einde stellen aan bepaalde betwistingen. Vergelijk met kwijtschrift *.
Dagvaarding : het exploot van dagvaarding is een officieel document waarbij tegenpartij (een mens of een rechtspersoon zoals een vennootschap of V.Z.W.) via de betekening door een gerechtsdeurwaarder wordt aangemaand om op een bepaalde datum te verschijnen voor de rechtbank. De dagvaarding is dus de eis van de verzoekende partij aan de gedaagde partij om voor een rechter te verschijnen betreffende een bepaald geschil. Een hoofdvordering (van de eisende partij) wordt in principe door middel van dagvaarding voor de rechter gebracht (onverminderd de bijzondere regels betreffende vrijwillige verschijningen * en betreffende rechtspleging op verzoekschrift); de vordering moet voldoende duidelijk beschreven zijn. Het Openbaar Ministerie dagvaardt de beklaagde voor een strafrechtbank om te horen oordelen over bepaalde ten laste gelegde feiten.

Deskundige : = expert *. Zie ook de verschillende soorten geneesheren en Voertuigschade, nr. 14

Dronkenschap : de toestand waarin een persoon zich bevindt door het gebruik van alcoholische drank, zodat hij niet meer voortdurend de controle over zijn handelingen kan behouden. Deze toestand van dronkenschap wordt afgeleid uit waarneembare kenmerken, zoals (waggelende of onvaste) gang, verlies van oriëntatie (in tijd en ruimte), spraak (dubbelslaande tong), agressie, braken, onverzorgde kledij, en dergelijke. Niet te verwarren met alcoholintoxicatie *.

Onder bepaalde voorwaarden mag de verzekeringsmaatschappij de door haar betaalde schadebedragen terugvorderen wegens dronkenschap aan het stuur : zie hierover De terugvordering door de B.A.-verzekeraar (regres) volgens het Belgische recht en de rechtspraak (zijnde “Vergoedingen“, nr 7 tot 10).

De bestraffing van strafbare alcoholintoxicatie en van dronkenschap wordt uitgebreid uitgelegd in het hoofdstuk “Procedures“, onder nr. 2.44,3° (zie ook nr. 2.223).

E

Eiser: de partij in een burgerlijke procedure die een vordering ( = eis) instelt tegen één of meer andere partijen (zijnde de verweerders).

Ergologie: letterlijk “de wetenschap van de arbeid” (Grieks); bij een ergologisch onderzoek wordt de vermindering van de economische (vooral professionele) geschiktheid nagegaan: welke handelingen (welke soort arbeid) kan het slachtoffer niet meer of minder goed verrichten als gevolg van het ongeval ?

Esthetische schade : schade door ontsieringen van het lichaam (littekens, huidverkleuring, amputatie, …); het gaat om schade van morele * aard (hoewel de ontsiering vanzelfsprekend ook materiële * schade kan veroorzaken, bvb. bij een mannequin). De graad van ontsiering wordt meestal uitgedrukt aan de hand van een zevendelige schaal, gaande van 1 op 7 (of 1/7), zijnde miniem, tot 7/7, zijnde afstotend. Zie bijzondere soorten van morele schade (dit is Lichamelijke schade, nr. 9.33).

Ex aequo et bono : (begroot) naar recht en billijkheid (vooral bij toekenning van schadevergoedingen), dus zonder exacte berekening; zo wordt de kledijschade doorgaans ex aequo et bono begroot op een bepaald bedrag (volgens de indicatieve * tabel op 375 euro). Zie Forfaitair * en Wijzen van vergoeding.

Expert (ise) : = deskundige(nonderzoek). Zie ook hieronder Gerechtsdeskundige *. Zie uitgebreid bij IV De medische expertise, nr. 1 t.e.m. 4, en V Voertuigschade, nr. 14.

F

Forfait(air) : een forfaitaire vergoeding houdt de toekenning in van een schadebedrag volgens voordien reeds vastgelegde berekeningsnormen. Zo wordt de forfaitaire vergoeding voor de schade ingevolge de B.A.O./B.I. overeenkomstig de indicatieve tabel louter bepaald 1° door de graad (= het percentage) van B.A.O. en 2° door de leeftijd van het slachtoffer; andere concrete gegevens worden hier dus niet in rekening gebracht. Zie ook Wijzen van vergoeding.

G

Gebruiksderving : het niet kunnen gebruiken van een rijtuig of voertuig als gevolg van het ongeval. Eerst, vanaf het ongeval tot de expertise, bestaat de gebruiksderving uit wachttijd, en erna uit herstellingsduur of – bij totaal verlies – vervangingsduur *. Per dag genotsderving als gevolg van het ongeval wordt een zekere vergoeding toegekend (bvb. 20 euro per dag voor een auto), zijnde de gebruiksdervingsvergoeding. Zie V Voertuigschade, nr. 7.

Gehandicapte : een persoon met een (belangrijk) geestelijk of lichamelijk gebrek. Achtereenvolgens aangeduid met “gebrekkige” – “invalide” – “mindervalide – “gehandicapte” – “persoon met een handicap” (huidige aanduiding). Zie ook tegemoetkomingen aan gehandicapten.

Geïndexeerde rente : die vorm van schadeloosstelling waarbij de toekomstige schade maandelijks (of jaarlijks) blijft vergoed worden, over de volledige, werkelijke duur van deze schadepost. Zie verder Lichamelijke schade, nr 9.7.

Geldboete : een sanctie in de vorm van betaling van een geldsom, die voorzien is in een strafrechtelijke wet (of andere rechtsregel) en die door de strafrechter opgelegd wordt. Vóór de invoering van de euro werden de bedragen van de geldboeten vermenigvuldigd met 200 ; sinds de euro wordt de vermenigvuldiging met 5 en thans met 5,5 toegepast.

De categorieën geldboetes bij verkeersovertredingen worden uiteengezet in het hoofdstuk “Procedures“.

Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds : zie Vergoedingen, nr. nr 4. en 6b nr. 6 b.

Genegenheidsschade : de morele * schade die door een naaste, bij weerkaatsing, wordt geleden omdat hij het zeer ernstige lijden van een dierbaar persoon (dus een zeer nauw familielid of de vaste partner) meebeleeft, of omdat hij de nadelige weerslag van de belangrijke fysieke of psychische wijziging van het slachtoffer (bvb. de zware neurose van de echtgenoot) ingevolge het ongeval moet ondergaan. Zie meer bij bijzondere soorten van morele schade (dit is Lichamelijke schade, nr. 9.33).

Genoegenschade : de vermindering van het levensgenot (dus morele * schade) als gevolg van de onmogelijkheid of de verhoogde moeilijkheid om nog deel te nemen aan bepaalde genoegenverschaffende activiteiten, in het bijzonder om nog een bepaalde sport of hobby te beoefenen. Soms ook geneugteschade of plezierschade genoemd (in het Frans “préjudice d’agrément”). Zie verder onder bijzondere soorten van morele schade (dit is Lichamelijke schade, nr. 9.33).

Gerechtelijk onderzoek : het onderzoek dat door een onderzoeksrechter * wordt geleid (in tegenstelling tot opsporingsonderzoek *). Het begint van zodra de zaak aanhangig is gemaakt bij de onderzoeksrechter door klacht met burgerlijke partijstelling van de benadeelde, vordering tot onderzoek door het parket (al dan niet na opsporingsonderzoek) of betrapping op heterdaad. Het doel is: het opsporen van de dader en het verzamelen van de bewijzen betreffende de gepleegde feiten. Dit gebeurt door; ondervraging van de verdachte, getuigenverhoor, plaatsbezoek, huiszoeking, gerechtelijke expertise, telefoontap, fouillering, vingerafdrukken, en foto’s. Vergelijk met Opsporingsonderzoek *.

Gerechtsdeskundige : dit is de expert die wordt aangesteld door het Parket *, om in het kader van een misdrijf bepaalde deskundige onderzoeken te verrichten, of door een rechtbank. De aanstelling van een gerechtsdeskundige betreft een onderzoeksmaatregel, die dus bedoeld is om bepaalde bewijzen te leveren. De benadeelde zal aan de rechter vragen een voertuigexpert of een arts aan te stellen als gerechtsdeskundige, wanneer dit nodig is om de volledige schadevergoeding te bekomen.

Gerechtsdeurwaarder: een ministeriële en openbare ambtenaar die belast is met bepaalde taken aangaande rechtsbedeling, zoals : het betekenen van exploten (bvb. het exploot van dagvaarding), de tenuitvoerlegging van vonnissen, beslaglegging, … Zij stellen exploten en processen-verbaal van vaststelling op die een authentieke bewijswaarde hebben.

Getuige: wordt door de rechter opgeroepen om onder eed te verklaren wat hij weet over bepaalde feiten.

GMWF : = Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds *

Griffie : is in feite het secretariaat van een bepaalde rechtbank.

H

Hof van Cassatie: is het hoogste rechtscollege van België (naast het Arbitragehof). Het ziet toe op de juiste toepassing van de wet door de hoven en rechtbanken en het beoordeelt enkel de wettigheid van de bestreden beslissing. Het hof van cassatie oordeelt dus niet over de feiten zelf. Het gaat enkel na of de beslissing gewezen in laatste aanleg moet worden verbroken wegens overtreding van substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven vormen.

Hoger beroep: een gewoon rechtsmiddel waarmee de partij die zich door het vonnis benadeeld acht, een nieuwe beoordeling door een hogere rechtsinstantie vraagt. Alle partijen in een strafproces (de veroordeelde, de burgerlijke partij, de vrijwillig tussenkomende partij, en het openbaar ministerie) hebben het recht om een geding een tweede keer te laten voorkomen.

I

Indicatieve tabel : is het overzicht van de richtvergoedingen die binnen de Belgische verenigingen van Magistraten zijn afgesproken. Bvb. 31 € per dag voor morele * schade tijdens de hospitalisatieperiode en 25 € voor de overige periodes van T.A.O. * Deze afgesproken bedragen worden door de grote meerderheid van de rechters toegepast. De volledige indicatieve tabel (ongeveer 10 bladzijden) van mei 2004 kan na kosteloze registratie worden bekomen bij het Nieuw Juridisch Weekblad (http://www.njw.be/).

Intrest : zie Enkele principes betreffende de uitbetaling van de vergoeding door de verzekeringsmaatschappij .

Invaliditeit : zie B.I. *.

K

Kapitalisatie : is de omzetting van de vergoeding voor toekomstige schade naar de actuele kapitaalwaarde ervan; daarbij wordt rekening gehouden met het voordeel voor de benadeelde dat hij reeds thans, zijnde in principe op de dag van het vonnis, vergoeding bekomt voor het verlies aan inkomsten die hij normalerwijze, dus zonder ongeval, pas in de toekomst, dus in de maanden nà het vonnis, zou hebben ontvangen. Zie verder Wijzen van vergoeding (= hoofdstuk Lichamelijke schade), nr 9.5.

Kapitalisatiecoëfficiënt : de coëfficiënt die wordt toegepast op de som van de toekomstige bedragen om deze te kapitaliseren *; voor de kapitalisatieberekening van de vergoeding voor toekomstige lichamelijke schade worden vooral de wiskundige tabellen (opgesteld door Simon Steven) en de kapitalisatietabellen van Levie en van J. Schrijvers gebruikt. Zie Wijzen van vergoeding (in hoofdstuk Lichamelijke schade), nr 9.53.

Klacht : zie Klachten voor een schriftelijke klacht tegen een persoon of instelling bij een ombudsdienst of dergelijke – zie vervolging (Parket), onder nr 1.3, voor het neerleggen van een klacht bij de politie – zie Klacht achteraf voor het geval men nadat het ongeval reeds enige tijd is gebeurd aangifte bij de politie wil doen.

Klachtafstand : het verzoek van een benadeelde aan het Openbaar Ministerie om de beklaagde niet strafrechtelijk te vervolgen, omdat hij aan deze benadeelde de volledige schade heeft vergoed. Het Parket houdt daarmee slechts in geringe mate rekening bij zijn beslissing om te seponeren.

Kwijtschrift : = kwitantie. Een document dat door degene die gerechtigd is op een bepaald bedrag wordt ondertekend, om als bewijs van betaling te dienen voor degene die moet betalen. Wanneer de verzekeringsmaatschappij een bedrag betaalt aan een slachtoffer, zal zij zeer vaak de voorafgaandelijke ondertekening van een kwitantie voor het toegekende bedrag vragen.

Een provisionele kwitantie slaat op de betaling van een voorschot op de totale schadevergoeding, die later nog moet worden bepaald; een dergelijke kwitantie mag u dus steeds ondertekenen. Zie ook Dading *. Zie Procedures , nr. 11.2

L

Lichamelijke schade * : = schade aan de mens, persoonsschade, letselschade, … ; het geheel van nadelen die voortvloeien uit de (fysieke en/of psychische) letsels van een persoon.
De lichamelijke schade wordt ingedeeld in materiële * en morele * schade. Zie uitgebreid bij Lichamelijke schade.

M

Materiële schade * : nadelen met een financiële weerslag ; medische en aanverwante uitgaven, inkomstenverlies, huishoudelijke schade, de noodzaak om meerinspanningen te leveren bij professionele of huishoudelijke activiteiten, en dergelijke meer, en ook schade aan zaken (voertuig, woning, kledij, …). Staat dus tegenover morele * schade. Zie verder onder Materiële schade.

Medische aansprakelijkheid : deze slaat op een fout (of een andere grond van aansprakelijkheid) van een geneesheer of van het ziekenhuis, waardoor de patiënt schade oploopt. Zie medische aansprakelijkheid (zijnde Vergoedingen onder nr. 6h).

Medische besluiten : de samenvatting van de beslissingen betreffende de tijdelijke en blijvende gevolgen van de lichamelijke schade, opgesteld door een raadsgeneesheer * of een gerechtsdeskundige *; de medische besluiten omvatten de opeenvolgende graden van T.A.O. *, de consolidatiedatum *, en de graad van B.I. * . Zie verder De medische expertise.

Minnelijke medische expertise ( M.M.E. ) : is het onderzoek dat gezamenlijk wordt uitgevoerd door de raadsgeneesheer* van het slachtoffer en door deze van de vergoedingsplichtige (meestal de B.A.-verzekeraar *), op basis van een overeenkomst ; het is de bedoeling dat de betrokken raadsgeneesheren tot bepaalde medische besluiten komen. Zie de tegensprekelijke medische expertise (zijnde De medische expertise, nr. 4 en 5).

Misdrijf : = strafbaar feit. Er zijn drie soorten misdrijven (zie art 1 Strafwetboek):

a. het misdrijf dat strafbaar is met een politiestraf is een overtreding (bvb. een verkeersinbreuk); de maximale gevangenisstraf is hier 7 dagen (wat in de praktijk niet wordt toegepast) en/of een geldboete * van maximaal 25 fr. (te vermenigvuldigen met 200 of juister, sinds de euro, met 5); hier is de Politierechtbank bevoegd;

b. een misdrijf dat strafbaar is met een correctionele straf is een wanbedrijf ; een wanbedrijf (bvb. diefstal) is strafbaar met een geldboete van minstens 26 fr. en/of een gevangenisstraf van minstens 8 dagen; hier is de Correctionele Rechtbank bevoegd;

c. een misdrijf dat strafbaar is met een criminele straf is een misdaad (bvb. moord); de straf voor een misdaad is een minimale gevangenisstraf van 5 jaar; hier is het Hof van Assisen bevoegd.

Zie Procedures en vooral de bevoegde rechtbanken.

M.M.E. : = minnelijke * medische expertise.

Modelovereenkomst : de modelpolis voor de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen (conform de W.A.M. *), opgesteld door de wetgever in december 1992; zij bevat de wettelijk vastgelegde bepalingen die in elke W.A.M.-polis moeten worden vermeld door de verzekeringsmaatschappij.

Morele schade *: nadelen zonder weerslag op het vermogen (patrimonium), dus zonder financiële weerslag; synoniem: immateriële (of niet – materiële) schade. Bvb. het lijden van pijn, esthetische* schade, genoegenschade (een sport of andere hobby niet meer kunnen uitoefenen), e.d.m. Zie verder Morele schade.

Motorrijtuig : een rij- of voertuig dat bestemd is om zich voort te bewegen over de grond en dat door een mechanische kracht kan worden gedreven, zonder te zijn gebonden aan spoorstaven. Dus een personenwagen, vrachtwagen, bromfiets, …

Wettelijk gelijkgesteld met motorrijtuigen: aanhangwagens.

Motorwaarborgfonds : = Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds * = Fonds.

Mutatieduur : = vervangingsduur *. Zie gebruiksderving.

Mutualiteit : = ziekenfonds – zie de verplichtingen van het ziekenfonds

N

N.A.H. : = niet-aangeboren hersenletsel (doorgaans als gevolg van een ongeval).

O

Omniumverzekering : verzekering voor alles (“omnium”), die volgende schadegevallen aan uw auto dekt : brand, diefstal, glasschade, natuurkrachten en eigen materiële schade. Zie meer bij “De mogelijke vergoedingen” onder nr. 5.4 Omniumverzekering .

Omschakelingstemijn : = vervangingsduur *

Onderzoeksrechter : dit is een magistraat, meerbepaald een rechter, die het gerechtelijk * onderzoek (dus het onderzoek op strafrechtelijk gebied) voert en daarvoor beschikt over zeer ruime bevoegdheden (aanhouding, huiszoeking, telefoonaftap,…). De leiding van een gerechtelijk onderzoek zit in ons land in handen van een onderzoeksrechter. De onderzoeksrechter houdt niet alleen rekening met gegevens die belastend zijn voor de verdachte (à charge), maar ook met feiten die in het voordeel van de beklaagde spelen (à décharge). Hij beschikt over een grote onafhankelijkheid en moet onpartijdig blijven (cfr. spaghetti-arrest in het Dutroux-onderzoek). Meestal wordt hij ingeschakeld door het Openbaar * Ministerie ; maar ook een benadeelde kan klacht met burgerlijke-partijstelling in handen van de onderzoeksrechter neerleggen, zodat deze gevat is om de nodige onderzoeksdaden te laten uitvoeren.

Openbaar Ministerie : = Parket = de staande magistratuur; dit is het geheel van magistraten dat, in het belang van de maatschappij, toeziet op de toepassing van de strafwet en dat in dit kader de verdachte kan opsporen en kan vervolgen, dus voor de strafrechter kan brengen. Er zijn 27 parketten, één per gerechtelijk arrondissement. Aan het hoofd van het parket staat de procureur, die wordt geholpen door substituten. Aan het hoofd van elk parket bij de 5 Hoven van Beroep staat een Procureur-Generaal. Zie Procedures, nr. 1.

Opschorting (van de strafrechtelijke uitspraak): de rechter beslist dat de feiten bewezen zijn, maar hij laat zijn oordeel over de straf verjaren. De vordering van de benadeelde die zich burgerlijke partij heeft gesteld tegen de beklaagde kan dus worden toegewezen. De opschorting van het vonnis of arrest kan worden herroepen als de betrokkene een nieuw misdrijf pleegt (of als hij de voorwaarden – in geval van probatie-opschorting – niet naleeft). Vergelijk met “Uitstel*”.

Opsporingsonderzoek : het onderzoek uitgevoerd onder leiding van de Procureur * des Konings. Het omvat alle daden om de misdrijven, hun daders en de bewijzen tegen hen op te sporen en om de gegevens te verzamelen die dienstig zijn voor de uitoefening van de strafvordering. Het opsporingsonderzoek wordt gevoerd onder de leiding en het gezag van de bevoegde procureur. Het parket sluit het opsporingsonderzoek af door middel van rechtstreekse dagvaarding, procedure op verslag, vordering tot onderzoek of beslissing tot niet-vervolging.

Overeenkomst : = contract *.

Overtreding : zie Misdrijf *.

P

Parket : = Openbaar Ministerie *.

Persoonsverzekering : volgens art. 1 van de wet van 25 juni 1992 op de Landverzekeringsovereenkomst, afgekort “W.L.O.”: “verzekering waarbij de verzekeringsprestatie of de premie afhankelijk is van een onzeker voorval dat iemands leven, fysische integriteit of gezinstoestand aantast”.

Plaatsopneming: houdt in dat de rechter naar de plaats van de feiten gaat om rechtstreeks de nodige vaststellingen te doen. Gedane verrichtingen en bevindingen worden nauwkeurig opgetekend.

Polis : de schriftelijke overeenkomst ( contract ) gesloten tussen de verzekerde en de verzekeringsmaatschappij, waarbij de rechten en plichten van deze beide partijen worden geregeld. Een polis bevat de algemene voorwaarden, de bijzondere voorwaarden en eventueel bijvoegsels.

Voorafgetekende polis : volgens art. 1 van de wet van 25 juni 1992 op de Landverzekeringsovereenkomst, afgekort “W.L.O.”: “een verzekeringspolis die vooraf door de verzekeraar ondertekend is en houdende aanbod tot het sluiten van een overeenkomst onder de voorwaarden die erin beschreven zijn, eventueel aangevuld met de nadere bijzonderheden die de verzekeringnemer aanduidt op de daartoe voorziene plaatsen”.

Politierechtbank : de politierechtbanken zetelen ofwel in strafzaken (S.Z.) ofwel in burgerlijke zaken (B.Z.).

De Politierechtbank zetelend in strafzaken is bevoegd voor overtredingen en voor verkeersinbreuken ; indien een benadeelde zich burgerlijke partij stelt voor deze rechtbank, zal deze niet enkel oordelen over de bestraffing maar ook over de eis tot schadevergoeding. Zie Procedures, nr. 2.3 Politierechtbank t.e.m. nr. 2.5.

De Politierechtbank zetelend in burgerlijke zaken is bevoegd voor alle vorderingen die ontstaan uit een verkeersongeval; zij kan niet oordelen over de bestraffing maar enkel over de eis tot schadevergoeding.

Pretium doloris : betreft de bijzondere morele schade door fysieke pijnen (wegens brandwonden, een pijnlijke aantasting van de zenuwen, e.d.) ; pretium doloris wordt eerder uitzonderlijk als afzonderlijke schadepost bovenop de gewone morele schade vergoed. Zie verder onder bijzondere soorten van morele schade (dit is Lichamelijke schade nr. 9.33).

Pretium voluptatis = seksuele schade : morele schade aangaande een verlies aan mogelijkheden op de seksuele en aanverwante gebieden; wordt zeer ruim opgevat, en omvat: de onmogelijkheid om nog sexueel actief te zijn, de vermindering van genotservaring tijdens de sexuele daad, de verminderde kansen op een vaste partner (bijvoorbeeld door de ernstige esthetische* schade), en de onmogelijkheid om een kind voort te brengen (of de verhoogde kans op een miskraam). Het gaat dus niet enkel om nadelen op het strikte seksuele vlak, maar ook om problemen betreffende het aanknopen van een relatie en/of het verwekken van een kind, meer de gebieden die daarrond liggen. Zie ook bijzondere soorten van morele schade (dit is Lichamelijke schade, nr. 9.33).

Proces-verbaal ( P.V. ) : het officiële verslag dat is opgesteld door de politie over de vaststellingen die zij heeft verricht in het kader van een misdrijf * en dat aan het Parket * wordt overgemaakt.

Procureur des Konings : de parket-magistraat die de belangen van de samenleving vertegenwoordigt. Ieder gerechtelijk arrondissement wordt geleid door een Procureur des Konings ; de procureur oefent het ambt van openbaar ministerie uit bij de arrondissementsrechtbank, de rechtbank van eerste aanleg, de rechtbank van koophandel en de politierechtbank. Hij wordt bijgestaan door eerste substituten en substituten. Hij zal het onderzoek in een strafzaak leiden met de hulp van politieagenten. Tijdens het proces voor de strafrechtbank vordert hij een bepaalde bestraffing. Zie verder Procedures, nr. 1.

Promille (of pro mille) : zie Alcoholintoxicatie.

Provisie : zie Kwijtschrift *.

R

Raadsgeneesheer : een arts die eenzijdig door een partij is aangesteld om de lichamelijke * schade te onderzoeken en om zo tot bepaalde medische * besluiten te komen. Zie IV Lichamelijke schade, nr. 3 en nr 16.

R.D.R. : zie Voertuigschade, nr. 11.

Rechtbank : zie Politierechtbank * en Strafrechtbank * .

Rechtsbijstandsverzekering : een verzekeringsovereenkomst waarbij de verzekeringsmaatschappij de kosten voor het voeren van betwistingen, ook voor de rechtbank, ten laste neemt. Zie verder onder Lichamelijke schade, nr. 19 en 20.

Rechtstreekse dagvaarding : zie Procedures, nr. 7.

Regres : = verhaalsrecht. Het recht van de verzekeringsmaatschappij om een uitbetaalde schadevergoeding terug te vorderen van de verzekerde, bvb. omdat deze dronken was. Kan thans slechts onder strikte voorwaarden nog worden uitgeoefend door de verzekeringsmaatschappij. Zie hierover De terugvordering door de B.A.-verzekeraar (regres) (zijnde “Vergoedingen“, nr 7 tot 10).

Reserve : = Voorbehoud *.

Rijverbod : zie Rijverbod ( zijnde Procedures, nr. 3).

S

Schade : het verschil tussen enerzijds de huidige, sinds het voorval werkelijk bestaande toestand van de schadelijder en anderzijds de toestand die zou hebben bestaan indien dit voorval niet zou zijn gebeurd; dus alle mogelijke – ook onrechtstreekse en toekomstige – nadelen voortvloeiend uit het schadegeval.

Hoofdindeling: morele * en materiële * schade.

Schadevergoeding : zie de hoofdstukken Lichamelijke schade en Voertuigschade.

Schadeverzekering: Volgens art. 1 Wet op de Landverzekeringsovereenkomst (WLO): ” verzekering waarbij de verzekeringsprestatie afhankelijk is van een onzeker voorval dat schade veroorzaakt aan iemands vermogen”.

Seponering : de beslissing van het Openbaar Ministerie * om een verdachte niet verder te vervolgen. Het openbaar ministerie (= parket) laat dus het dossier zonder gevolg. Deze afstand van vervolging is enkel maar voorlopig (uitgezonderd als dit voortvloeit uit het verval van de strafvordering). Zie verder onder Procedures , nr. 2.

Sexuele schade : = Pretium * voluptatis .

Slachtoffer : de persoon die schade heeft geleden, nl. lichamelijke en/of stoffelijke schade.

Slachtofferonthaal : het onthaal, de begeleiding en de eerste voorlichting van slachtoffers door een justitieassistent, die verbonden is aan een justitiehuis (dat in elk gerechtelijk arrondissement is gevestigd).

Stallingkosten : zie V Voertuigschade, nr. 8.

Strafrechtbank : dit is de rechtbank die kennis neemt van een misdrijf en die bij vonnis oordeelt over de grond van de zaak. Zij kan de beklaagde * veroordelen tot een straf die door de wet is voorzien, en dan kan zij ook oordelen over de eventuele burgerlijke * vordering; ofwel kan zij de beklaagde vrijspreken, bijvoorbeeld op grond van twijfel. De Politierechtbank * is bevoegd voor overtredingen, de Correctionele Rechtbank voor wanbedrijven en het Hof van Assisen voor misdaden. Het hoger beroep tegen een vonnis van de Politierechtbank wordt behandeld door de Correctionele Rechtbank. Het hoger beroep tegen een vonnis van de Correctionele Rechtbank (zetelend in graad van eerste aanleg) wordt behandeld door het Hof van Beroep zetelend in strafzaken.

T

T.A.O. : tijdelijke arbeidsongeschiktheid ; = de periode, vanaf het ongeval tot de consolidatie *, waarin de arbeidsgeschiktheid* is aangetast. Meestal is er eerst een aantal dagen van 100 % (totale) T.A.O., gevolgd door periodes van lagere (75 %, 50 %, 25 %, …) TAO.

Tetraplegie : = quadriplegie: = verlamming van zowel beide armen als beide benen.

T.I.: tijdelijke invaliditeit; = de vermindering van anatomische of functionele aard van de mogelijkheden tot handelen (inbegrepen denken), bepaald vanuit louter medisch oogpunt, in de periode vanaf het ongeval tot aan de consolidatie*. Vergelijk met B.I. *.

Totaal verlies : zie V Voertuigschade , nr. 1.

Trauma: = letsel.

Tussenvonnis: een tussentijdse beslissing van de rechter, vooraleer een eindvonnis te vellen. Soorten van tussenvonnis: aanstelling van een gerechtsdeskundige, verschijning ter zitting van de deskundige, medisch – psychologisch of sociaal onderzoek, heropening van de debatten, schriftonderzoek, valsheidprocedure, getuigenverhoor, overlegging stukken, persoonlijke verschijning, plaatsopneming, voorlopige tenuitvoerlegging, maatschappelijk (sociaal) onderzoek, sociale informatie door politie, vervanging van de gerechtsdeskundige, gedingbeslissende eed, ambtshalve opgelegde eed, en rogatoire opdracht.

T.W.O. : = tijdelijke werkonbekwaamheid = T.A.O. *

Uitstel (van de tenuitvoerlegging van de straf): de beklaagde werd schuldig bevonden aan een bepaald misdrijf, maar de uitgesproken straf wordt niet uitgevoerd gedurende de proeftermijn bepaald in het vonnis (of het arrest). Het uitstel kan gedurende de proefperiode nog vervallen of worden herroepen.
Soms wordt nog gesproken van een “voorwaardelijke” straf.
Wordt het uitstel onder bepaalde bijzondere voorwaarden verleend door de Strafrechter, dan gaat het om een “probatie-uitstel”.
Vergelijk met “Opschorting*(van de strafrechtelijke uitspraak)

U

UAL : zie Alcoholintoxicatie.

V

Verantwoordelijkheid : vaak gebruikt als synoniem van aansprakelijkheid *.

Verwant aan de burgerlijke * aansprakelijkheid zijn:

a. strafrechtelijke verantwoordelijkheid: wanneer een straf of andere sanctie aan een persoon, die een misdrijf * heeft gepleegd, kan worden opgelegd door een strafrechter;

b. tuchtrechtelijke verantwoordelijkheid: wanneer een tuchtsanctie aan een persoon, die een fout heeft begaan in de uitoefening van een beroep of een ambt, kan worden opgelegd door een tuchtrechtelijke overheid.

Verbalisant : de politieagent die het proces-verbaal * opstelt.

Vergoedende intrest = compensatoire intrest: dit is de vergoeding voor het uitstel in de uitbetaling van de vergoeding aan het slachtoffer, dus voor het feit dat de vergoeding van de schade pas zoveel dagen na het bestaan van de schade wordt betaald; de vergoedende intrest omvat vooreerst de muntontwaarding (inflatie) en daarnaast een vergoeding voor het verlies ingevolge het niet onmiddellijk hebben kunnen gebruiken van het geld (i.h.b. voor het niet onmiddellijk kunnen beleggen van het kapitaal).

Verhaal : = regres*. Zie hierover De terugvordering door de B.A.-verzekeraar (regres) (zijnde “Vergoedingen“, nr 7 tot 10).

Verkeer : het zich bevinden of zich bewegen, al dan niet door middel van een rij- of voertuig, van personen op de wegen.

Verkeersboete : zie geldboete * en zie het uitgebreide hoofdstuk “Procedures“.

Verkeersslachtoffer : iemand die bij een verkeersongeval lichamelijke letsels of andere schade * heeft opgelopen. Zie ook hierboven Benadeelde*.

Verstek : onder bepaalde voorwaarden kan de ene partij (niet alleen de eiser, de burgerlijke partij, of dergelijke, maar ook het O.M.) aan de rechtbank vragen om vonnis te vellen omdat de andere partij niet op de zitting verschijnt. Dit vonnis wordt dan bij verstek gewezen. Dit verstekvonnis kan enkel worden uitgevoerd nadat het (via gerechtsdeurwaarder) aan de verstek latende partij is betekend. Deze kan dan nog binnen een zekere tijd (meestal 1 maand) verzet aantekenen, en hierdoor wordt de zaak opnieuw, op tegenspraak, beoordeeld door dezelfde rechter.

Vervangingsduur : de tijd nodig om uw totaal vernield voertuig te vervangen (meestal op 15 dagen bepaald) – zie Gebruiksderving *

Vervangingswaarde : de persoonlijke waarde die het totaal vernielde voertuig voor de eigenaar had – zie V Voertuigschade, nr. 5.

Verzekerde: Volgens art. 1 van de wet van 25 juni 1992 op de Landverzekeringsovereenkomst, afgekort “W.L.O.”:
“Verzekerde :
a) bij schadeverzekering : degene die door de verzekering is gedekt tegen vermogensschade;
b) bij persoonsverzekering : degene in wiens persoon het risico van het zich voordoen van het verzekerde voorval gelegen is”.

Verzekeringsovereenkomst ( = verzekeringscontract= polis *): Volgens art. 1 Wet op de Landverzekeringsovereenkomst (WLO): ” een overeenkomst, waarbij een partij, de verzekeraar, zich er tegen betaling van een vaste of veranderlijke premie tegenover een andere partij, de verzekeringnemer, toe verbindt een in de overeenkomst bepaalde prestatie te leveren in het geval zich een onzekere gebeurtenis voordoet waarbij, naargelang van het geval, de verzekerde of de begunstigde belang heeft dat die zich niet voordoet”.

Voor de bespreking van de onderscheiden verzekeringen: zie Verzekeringen (in het hoofdstuk “De mogelijke vergoedingen“).

Voertuigexpert : zie Expert * en Gerechtsdeskundige * – zie V Voertuigschade, nr. 13 e.v.

Vonnisgerecht : = Strafrechtbank * .

Voorbehoud : = reserve : op medisch-juridisch gebied betekent dit de aanvaarding voor de toekomst van een mogelijke gebeurtenis, als gevolg van het ongeval; zo kan de gerechtsdeskundige voorbehoud voor posttraumatische epilepsie of voor de verwijdering van osteosynthesemateriaal voorzien, en zo kan de rechtbank voorbehoud voorzien voor de mogelijkheid dat bepaalde vergoedingen fiscaal zullen worden belast (zodat de benadeelde achteraf deze betaalde belastingen kan terugvorderen van tegenpartij).

Vrijwillige verschijning : dit is een wijze van inleiden van een zaak voor een rechtbank; beide partijen, “vrijwillig verschijnende partijen” of “comparanten” genoemd, stellen elk een advocaat aan en deze advocaten stellen gezamenlijk een akte tot vrijwillige verschijning op; deze akte bevat een korte uitleg over de feiten en het geschil. Ze wordt na ondertekening voor akkoord ter griffie neergelegd. Ze heeft dezelfde waarde en gevolgen als een dagvaarding *, maar is goedkoper.

W

Wachttijd : het aantal dagen dat de eigenaar van een beschadigd voertuig moet wachten op de beslissing van de voertuigexpert vooraleer het voertuig te kunnen herstellen of vervangen; zie Gebruiksderving(svergoeding) * en gebruiksderving.

W.A.M. (-wet) : de wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen (dus betreffende de “Wettelijke Aansprakelijkheidsverzekering Motorrijtuigen”, zijnde B.A.-verzekering *).

Werkonbekwaamheid (of werkongeschiktheid): = Arbeidsongeschiktheid *

Wettelijke intrest = wettelijke rente(voet): dit is de rentevoet die door de wetgever is vastgelegd, voor een hele reeks toepassingen; voor de bepaling van de intrest die op de hoofdsommen van de schadevergoeding wordt toegepast zal de rechter in vele gevallen de wettelijke rente gebruiken. Zie hierboven Vergoedende intrest *.

De wettelijke rente bedraagt vanaf 1 januari 2010 3,25 % (zie artt. 87 en 88 Programmawet van 27/12/06, B.S. 28/12/06). Met ingang van 1/1/11 beloopt zij 3,75 %.

De vorige wettelijke rentevoeten (zie Wet 5 mei 1865 betreffende de lening tegen intrest, B.S. 7 mei 1865):

– vanaf 1 juli 1970 : 6,5% (Wet 30 juni 1970, B.S. 24 juli 1970);
– vanaf 1 november 1974 : 8,0% (KB 14 oktober 1974, B.S. 19 oktober 1974);
– vanaf 1 augustus 1981 : 12,0% (KB 28 juli 1981, B.S. 8 augustus 1981);
– vanaf 1 augustus 1985 : 10,0% (KB 17 juli 1985, B.S. 23 juli 1985);
– vanaf 1 augustus 1986 : 8,0% (KB 16 juli 1986, B.S. 30 juli 1986);
– vanaf 1 september 1996 : 7,0% (KB 4 augustus 1996, B.S. 15 augustus 1996);
– vanaf 1 januari 2007 tot en met 31 december 2007 : 6% (B.S. 17 januari 2007);
– vanaf 1 januari 2008 (terug) 7 %;
– vanaf 1 januari 2009 5,5 %.

Whiplash : letterlijk = zweepslag; = een halstrauma, meestal als gevolg van een verkeersongeval.

Z

Zachte of zwakke weggebruiker : thans worden alle weggebruikers behalve een bestuurder van een motorrijtuig * beschouwd als zwakke weggebruiker, zodat zij ook bij een verkeersongeval door hun eigen fout gerechtigd zijn op schadevergoeding. Zie verder de wet op de zwakke weggebruikers (zijnde het hoofdstuk Vergoedingen, nr. 6, a.) en ook “Procedures“, nr. 6.

Ziekenfonds: zie de verplichtingen van het ziekenfonds

NOOT:

het overkoepelend orgaan van de Belgische verzekeringsmaatschappijen is ASSURALIA, het vroegere BVVO (Belgische vereniging van verzekeringsondernemingen), gevestigd te

Huis der Verzekering
de Meeûssquare 29
B-1000 Brussel

Tel.: 02/547 56 11
Fax: 02/547 56 01
http://www.assuralia.be/nl/contact/

De coördinaten van alle verzekeringsmaatschappijen aangesloten bij Assuralia vindt men bij http://www.assuralia.be/nl/organisation/members/index.asp?name=a